(dis)functioneren

Regelmatig komt het voor dat een werkgever niet tevreden is over het functioneren van een werknemer en om die reden tot ontslag wil overgaan. Een belangrijk onderscheid dat in dit kader gemaakt wordt is of sprake is van verwijtbaar of niet-verwijtbaar disfunctioneren. Vooropgesteld wordt dat een werkgever die zich van de een op de andere dag op het standpunt stelt ontevreden te zijn over het functioneren van een werknemer, moet aantonen dat niet wordt voldaan aan de gestelde functie-eisen. Verder is het van belang dat de werkgever moeite heeft gedaan om de werknemer in de gelegenheid te stellen alsnog te gaan voldoen aan de functie-eisen en dat dit traject op enige wijze door haar wordt gefaciliteerd. Doorgaans zal aan de hand van verschillende gesprekken worden gekeken in hoeverre de werknemer zijn functioneren verbeterd.

Wordt het functioneren niet verbeterd, dan bestaat de kans dat de werkgever aan de werknemer een beëindigingsovereenkomst overhandigd, om op deze wijze tot een einde van het dienstverband te komen.

Heeft u vragen over uw beëindigingsovereenkomst of over het beëindigingsvoorstel dat u van uw werkgever heeft ontvangen? Vul dan het formulier in, waarna een arbeidsrechtspecialist zo spoedig mogelijk contact met u opneemt.

Contactformulier